**1..** Alle begrippen in deze verordening die niet nader worden omschrevenhebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet.
**2..** In deze verordening wordt verstaan onder:
aanvrager: een alleenstaande, een alleenstaande ouder of een gezin als bedoeld in artikel 4, lid 1, Participatiewet die een aanvraag heeft ingediend. Deze persoon kan eveneens voor zijn thuisinwonende minderjarige kind(eren) een aanvraag indienen;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Súdwest- Fryslân;
rechthebbende: aanvrager van 18 jaar of ouder die ingezetene is van de gemeente, niet zijnde een student, van wie het adres op 1 januari en op het moment van aanvraag overeenkomt met de basisregistratie personen en die in de maand voorafgaande aan de maand van de aanvraag een inkomen heeft dat netto niet meer bedraagt dan 120% van het van toepassing zijnde sociaal minimum;
sociaal minimum: de gehuwdennorm als bedoeld in artikel 21 en 22 van de Participatiewet waarbij de kostendelersnorm is uitgesloten. Voor een alleenstaande ouder bedraagt de van toepassing zijnde norm 90% van de gehuwdennorm en voor een alleenstaande 70% van de toepasselijke gehuwdennorm. Voor in een inrichting verblijvende personen bedraagt de van toepassing zijnde norm, het bedrag genoemd in artikel 23, lid 1 en 2 van de Participatiewet. Voor jongeren jonger dan 21 jaar bedraagt de van toepassing zijnde norm het bedrag, genoemd in artikel 20 lid 1 en 2 van de Participatiewet.