**1..** Activa waarvan de afschrijving voor 1 januari 2011 is gestart worden niet herrekend naar de in deze verordening opgenomen bepalingen. Hetzelfde is van toepassing op de activa afkomstig van overgenomen en nog over te nemen (delen van) publiekrechtelijke lichamen. Ook na een stelselwijziging zullen de activa waarvan de afschrijving al is gestart niet worden herrekend. De bijgestelde afschrijvingstermijnen worden in de komende jaren voor deze activa niet toegepast.
**2..** Bijdragen aan derden worden in principe niet geactiveerd. De raad kan in individuele gevallen bepalen dat bijdragen aan derden wel geactiveerd worden. Hiervoor geldt de voorwaarde dat de bijdrage door de derde geïnvesteerd moet worden.
**3..** Kosten voor het afsluiten van geldleningen worden direct ten laste van de exploitatie gebracht.
**4..** Participaties in een onderneming of deelnemingen in een verbonden partij worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs. Op de verkregen participaties of deelnemingen wordt niet afgeschreven.
**5..** De afschrijving start op 1 januari volgend op het jaar van ingebruikname van het actief.
**6..** Immateriële en materiële vaste activa worden afgeschreven volgens de methodiek en de termijnen zoals vermeld in de bijlage afschrijvingsbeleid bij deze verordening.
**8..** De raad kan besluiten om bij investeringen, in de door de raad te bepalen gevallen, de componentenbenadering toe te passen.
**9..** Er wordt bij het bepalen van het afschrijvingsbedrag geen rekening gehouden met de restwaarde. Een eventuele restwaarde wordt, indien er sprake is van verkoop, als een eenmalige bate verantwoord.
Hoofdstuk 3.
Artikel 10.
Waardering en afschrijving vaste activa
Onderdeel van Financiële verordening 2017