Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.3

Hoogte van het pgb en begroting

Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Hilvarenbeek 2017

Het college stelt de hoogte van het pgb vast op basis van de door de jeugdige of zijn ouders ingediende begroting voor de benodigde ondersteuning, voor zover dit blijft binnen de grenzen van de maximale pgb-tarieven, zoals genoemd in de Beleidsregels Jeugdhulp voor de betreffende vorm van ondersteuning. Het college houdt bij de vaststelling van de hoogte van het pgb rekening met het feit of er sprake is van professionele ondersteuning of ondersteuning in het informele circuit. De kostprijs van een persoonsgebonden budget richt zich naar de kostprijs van een maatwerkvoorziening in natura. Het college stelt regels omtrent de differentiatie van de tarieven naar de wijze waarop het pgb wordt besteed. Hierbij kan ze het onderscheid maken tussen: een geregistreerde (zorg)organisatie/instelling een zzp’er; informele zorg. Het college stelt nadere criteria op om te bepalen of er sprake is van formele zorg, waarbij het college aansluit bij de kwaliteitscriteria die worden gesteld aan aanbieders. Voor zover de jeugdige of zijn ouders door de verstrekking van een pgb kosten bespaart voor een in zijn situatie algemeen gebruikelijk te achten product, kan het college besluiten die kosten in mindering te brengen op het pgb. Het college kan regels stellen, om aan de jeugdige of zijn ouders de mogelijkheid te geven om per jaar in de begroting een bedrag in op te nemen dat niet bestemd is voor salariskosten, maar voor andersoortige kosten in relatie tot de dienstverlener.

Rechtspraak bij dit artikel