De belasting wordt geheven naar de grondslagen genoemd in lid 2 van
dit artikel en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening
behorende tarieventabel.
De grondslagen van de belasting zijn:
Een vast bedrag per perceel:
Een bedrag op basis van het aantal kubieke meters water dat
vanuit het perceel direct of indirect op de gemeentelijke
riolering wordt afgevoerd.
Het aantal kubieke meters afgevoerd water wordt gesteld op het
aantal kubieke meters
leidingwater, grondwater en oppervlaktewater dat in de loop van het
belastingjaar naar het
perceel is toegevoerd en/of opgepompt.
Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die
pompinstallatie zijn voorzien van een:
watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden
afgelezen, of
bedrijfsuren teller, waarvan het aantal uren dat een pompinstallatie
met vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan worden
afgelezen.
De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de
hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige andere wettelijke
bepaling.
5.De op voet van het derde lid berekende hoeveelheid toegevoerd en of
opgepompt water wordt, voor zover de hoeveelheid geloosd water ten minste
3.000 m3 of ten minste 20% lager is dan de som van de
hoeveelheden toegevoerd of opgepompt water, verminderd met de hoeveelheid
water die niet als water is afgevoerd.
Artikel 5
Maatstaf van heffing en belastingtarief
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing 2017