In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
advertentie: elke commerciële uiting in een medium, die een
seksbedrijf of een prostituee onder de aandacht van het
publiek brengt;
bedrijfsplan: als bedoeld in artikel 3.3.4 van deze
APV;
beheerder: de natuurlijke persoon die door de exploitant is
aangesteld voor de feitelijke leiding van een
seksbedrijf;
bevoegd bestuursorgaan: het college of, voor zover het
betreft voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij
behorende erven als bedoeld in artikel 174 van de
Gemeentewet, de burgemeester;
bezoeker: degene die aanwezig is in een seksinrichting, met
uitzondering van de exploitant, de beheerder, de prostituee,
het personeel dat in de inrichting werkzaam is,
toezichthouders als bedoeld in artikel 6.1a, andere personen
wier aanwezigheid in de inrichting wegens dringende redenen
noodzakelijk is;
escortbedrijf: de activiteit, bestaande uit het
bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie in de vorm
van bemiddeling tussen klant en prostituee;
exploitant: de natuurlijke persoon of de bestuurder van een
rechtspersoon of, indien van toepassing, de tot
vertegenwoordiging van die rechtspersoon bevoegde natuurlijk
persoon, voor wiens rekening en risico een seksbedrijf wordt
uitgeoefend;
klant: degene die gebruik maakt van de door een exploitant
van een prostitutiebedrijf of een prostituee aangeboden
seksuele diensten;
prostituee: degene die zich beschikbaar stelt tot het
verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen
betaling;
prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten
van seksuele handelingen met een ander tegen betaling;
prostitutiebedrijf: de activiteit, bestaande uit het
bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie;
raamprostitutiebedrijf: de activiteit, bestaande uit het
bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie, waarbij het
werven van klanten gebeurt door een prostituee die zichtbaar
is vanuit een voor publiek toegankelijke plaats;
seksbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig
gelegenheid geven tot prostitutie of tot het verrichten van
seksuele handelingen voor een ander tegen betaling of uit
het bedrijfsmatig aanbieden van vertoningen van
erotisch-pornografische aard in een seksinrichting tegen
betaling. Onder een seksbedrijf worden in elk geval
verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater,
een parenclub, een escortbedrijf of een prostitutiebedrijf
waaronder tevens begrepen een erotische-massagesalon, al dan
niet in combinatie met elkaar;
seksinrichting: voor het publiek toegankelijke besloten
ruimte, onderdeel van een seksbedrijf;
sekswinkel: de voor het publiek toegankelijke, besloten
ruimte waarin hoofdzakelijk goederen van
erotisch-pornografische aard aan particulieren plegen te
worden verkocht;
straatprostitutie: het door handelingen, houding, woord,
gebaar of op andere wijze passanten tot prostitutie bewegen,
uitnodigen dan wel aanlokken;
vergunning: als bedoeld in artikel 3.2.6 van deze APV;
- werkruimte: als zelfstandig aan te merken
onderdeel van seksinrichting waarin de seksuele handelingen met een
ander tegen betaling worden verricht.
Hoofdstuk 3. › Afdeling 1.
Artikel 3.1.2
Begripsbepaling
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening door de gemeente Nijmegen