Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2. › AFDELING 5.

Artikel 2:11

Aanleggen, beschadigen of veranderen van een weg

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Voorschoten 2010

1.. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg. 2.. De vergunning wordt verleend als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag, indien de activiteiten zijn verboden bij bestemmingsplannen, beheersverordening of voorbereidingsbesluit. door het college in de overige gevallen. 3.. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor overheden bij het uitvoeren van hun publieke taak. 4.. Het verbod geldt voorts niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de Telecommunicatiewet, de Wegenverordening Zuid-Holland 2010, de Keur Rijnland 2009 of de Verordening werkzaamheden kabels en leidingen Voorschoten van toepassing is.". 5.. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking bij niet tijdig beslisen op een aanvraag om toestemming) is van toepassing op de vergunning.

Rechtspraak bij dit artikel