Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van VERORDENING PARKEERBELASTINGEN 2017

1.. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het heffingstijdvak waarover de belasting wordt geheven. 2.. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren. 3.. Indien de belastingplicht als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, in de loop van een vergunning periode aanvangt, is de belasting verschuldigd voor het resterende gedeelte van de vergunningstermijn van zes maanden; 4.. Indien de belastingplicht als bedoeld in artikel 2, onderdeel a in de loop van een vergunning periode eindigt, wordt restitutie verleend voor het resterende gedeelte van de vergunningstermijn van 6 maanden. 5.. In afwijking van het vorige lid bestaat geen ontheffing van de belastingplicht voor de vergunningen zoals opgenomen in Hoofdstuk I onder L van de bij deze verordening behorende tarieventabel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel