Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Artikel 5

Onderdeel van Spaarloonregeling 2010

1.. 1.In afwijking van het bepaalde in artikel 4 kan het spaarloon geheel of gedeeltelijk worden opgenomen en zal het op verzoek van de deelnemer worden overgeboekt naar zijn tegenrekening indien: Eigen woning: de opname wordt aangewend voor de verwerving van een tot hoofdverblijf dienende eigen woning door deelnemer of diens echtgeno(o)t(e), dan wel indien de werknemer ongehuwd is, de partner met wie hij duurzaam een eigen huishouding voert. Onder eigen woning wordt mede verstaan een lidmaatschap van een coöperatie waarvan de leden enkel op grond van hun lidmaatschap het recht van uitsluitend gebruik hebben van een aan de coöperatie toebehorend gebouw, dan wel een afzonderlijk gedeelte van een zodanig gebouw. De hier bedoelde vrije opname moet uiterlijk plaatsvinden binnen zes maanden na het passeren van de notariële (transport)akte. Artikel 19a, lid 1 en 2 van de URWSR is van overeenkomstige toepassing (zie bijlage). Levensverzekering: de opname wordt aangewend ter voldoening van premies of koopsommen verschuldigd ingevolge een overeenkomst van levensverzekering gesloten door de deelnemer of diens echtgeno(o)t(e). Artikel 19b, lid 1 tot en met 6, van de URWSR, is van overeenkomstige toepassing (zie bijlage). Effecten: de opname wordt aangewend voor belegging in effecten. Met betrekking tot de effecten is artikel 16, eerste en tweede lid, van de URWSR van overeenkomstige toepassing (zie bijlage). Deze effecten worden voor de toepassing van deze verordening als spaarloon aangemerkt. Start eigen onderneming: de opname wordt aangewend ten behoeve van activiteiten die de werknemer is gestart, uit welke de werknemer vermoedelijk, als ondernemer in de zin van artikel 3.4 van de wet Inkomstenbelasting 2001, winst uit onderneming als bedoeld in artikel 3.8 van de wet Inkomstenbelasting 2001, zal gaan genieten. De opname moet worden gedaan binnen zes maanden nadat de werknemer deze ondernemersactiviteiten is gestart. De aanwezigheid van ondernemersactiviteiten moet blijken uit een voor bezwaar vatbare beschikking die door de belastinginspecteur kan worden gegeven. Artikel 19c, lid 1 tot en met 4 van de URWSR is van overeenkomstige toepassing (zie bijlage). Verlof: de opname wordt aangewend ter compensatie van loon dat niet is genoten door de werknemer als gevolg van de opname van onbetaald verlof of gedeeltelijk onbetaald verlof, mits de dienstbetrekking als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet op de Loonbelasting 1964 ten tijde van het verlof, ongewijzigd blijft voortbestaan. Ten hoogste 50% van het bedrag waarmee het door de werknemer genoten loon is verminderd als gevolg van de opname van onbetaald verlof of gedeeltelijk onbetaald loon is verminderd als gevolg van de opname van onbetaald verlof of gedeeltelijk onbetaald verlof kan worden aangemerkt als compensatie voor onbetaald verlof of gedeeltelijk onbetaald verlof. Met betrekking tot verlof is artikel 19d, lid 1 tot en met 4 van de URWSR van overeenkomstige toepassing (zie bijlage). Studie: opname ter besteding aan: het volgen van een opleiding of studie door de werknemer, met het oog op het verwerven van inkomen uit werk en woning, met uitzondering van de in artikel 19e, lid 1a, van de URWSR genoemde kosten; cursussen, congressen, symposia, excursies, studiereizen en dergelijke, gevolgd door de werknemer ter behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking. Artikel 19e lid 1 en 2 van de URWSR is van overeenkomstige toepassing (zie bijlage). Kinderopvang: de opname wordt aangewend voor de kosten van kinderopvang zoals bedoeld in de Wet kinderopvang. Het bedrag waarover de werknemer binnen de spaartermijn van vier jaar mag beschikken, bedraagt maximaal de eigen bijdrage in de kosten van kinderopvang. Scholingskosten: de opname wordt aangewend voor de betaling van de procedure Erkenning Verworven Competenties (EVC). Deze scholingskosten heeft de werknemer zelf betaald. 2.. De deelnemer die in de gevallen genoemd onder a tot en met h wenst te beschikken over het spaarloon dient: Hiertoe schriftelijk bewijs over te leggen aan de spaarinstelling. De opname van het geld te doen binnen zes maanden nadat de desbetreffende besteding heeft plaatsgevonden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel