**1..** De aanslagen moeten worden betaald uiterlijk twee kalendermaanden na de
op het aanslagbiljet vermelde dagtekening.
**2..** In afwijking van het eerste lid kunnen op verzoek van de
belastingplichtige de aanslagen worden betaald in zoveel gelijke
termijnen als er na de dagtekening van het aanslagbiljet nog maanden in
het kalenderjaar overblijven, met dien verstande dat het aantal
termijnen ten minste twee bedraagt en maximaal 10, indien aan het
navolgende wordt voldaan:
het totaal bedrag van de op één aanslagbiljet verenigde
aanslagen onroerende
zaakbelastingen of andere belastingen moet minder zijn dan €
6.500,--;
de verschuldigde bedragen moeten door middel van automatische
betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige
kunnen worden afgeschreven.
**3..** De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het
aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand
later.
**4..** De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
leden gestelde termijnen.
Artikel 7
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening tot wijziging van de Verordening op de heffing en invordering van onroerende-zaakbelastingen 2017