In deze verordening wordt verstaan onder:
administratie: het systematisch verzamelen, vastleggen,
verwerken en verstrekken van informatie ten behoeve van het
besturen, functioneren en beheersen van de gemeentelijke
organisatie en de verantwoording die daarover moet worden
afgelegd;
afdeling: iedere organisatorische eenheid binnen de
gemeentelijke organisatie met een eigen rechtstreekse
verantwoordelijkheid aan het college;
inkomsten: totaal van de baten voor toevoegingen en
onttrekkingen van reserves;
kapitaal: het deelnemen in het vermogen van een derde partij,
zowel in activa als eigen vermogen;
netto schuld per inwoner: bruto schuld minus de omvang van de
geldelijke bezittingen gedeeld door het aantal inwoners op 31
december van het begrotingsjaar. Onder bruto schuld wordt
verstaan het totaal van langlopende leningen, kortlopende
schulden, crediteurenvorderingen en overlopende passiva. Onder
geldelijke bezittingen wordt verstaan het totaal van leningen
aan deelnemingen, leningen aan overige verbonden partijen,
leningen aan derden, langlopende uitzettingen, kortlopende
uitzettingen, debiteurenvorderingen, liquide middelen en
overlopende activa;
onbenutte belastingcapaciteit onroerende zaakbelasting: verschil
tussen de opbrengst onroerende zaakbelasting bij de tarieven die
minimaal nodig zijn voor toegang tot de procedure van artikel 12
van de Financiële-verhoudingswet en de (geraamde) opbrengst
onroerende zaakbelasting.
overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke
rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met
rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen
met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in
staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van
een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke
rechtspersoon deelneemt;
nota: een beschrijving van het beleid van een bepaald onderwerp.
Beleid is het aangeven van de richting en de middelen waarmee
men gestelde organisatiedoelen wil gaan realiseren.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.