**a..** dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij we een gedeelte van een dag als een hele dag aanmerken;
**b..** week: een aaneengesloten periode van zeven dagen;
**c..** maand: het tijdvak dat loopt van de eerste tot en met de laatste dag in een kalendermaand;
**d..** jaar: het tijdvak dat loopt van de eerste tot en met de laatste dag in een kalenderjaar;
**e..** kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van De verordening op de heffing en de invordering van leges Beesel