Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Aangifte bij parkeerapparatuur; betaling met parkeervergunning

Onderdeel van Besluit betaald parkeren 2017

1.. Indien wordt geparkeerd bij parkeerapparatuur waarbij een betalingsbewijs wordt verstrekt, is de aangifte pas voltooid nadat het betalingsbewijs met de daartoe bestemde zijde op een van buitenaf duidelijk zichtbare en leesbare plaats achter de voorruit is geplaatst. 2.. Indien wordt geparkeerd in een betaald parkeergebied met een geldige parkeervergunning, is de aangifte pas voltooid indien de parkeervergunning met de daartoe bestemde zijde op een van buitenaf duidelijk zichtbare en leesbare plaats achter de voorruit is geplaatst. 3.. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid kan het in werking stellen van de parkeerapparatuur ook plaatsvinden door het inloggen op een centrale computer via een (mobiele) telefoon, computer of een apparaat waarvan de functies gelijkgesteld kunnen worden aan die van een (mobiele) telefoon of computer. De aanvang van het parkeren meldt de belastingplichtige door bij de gekozen aanbieder voor belparkeren een parkeeractie te starten voor de parkeerzone waarin men geparkeerd staat. Tevens neemt de belastingplichtige de overige voorwaarden van de gekozen telecomprovider en aanbieder voor belparkeren in acht. Wanneer niet aan voornoemde voorwaarden is voldaan, wordt de belasting geheven op de wijze zoals bepaald in het eerste lid.

Rechtspraak bij dit artikel