Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 9

- Nieuwkomers en de WIN

Onderdeel van Afstemmingsverordening Wet werk en bijstand 2004

1.. Afstemming conform artikel 1 lid 2 ten aanzien van nieuwkomers in de zin van artikel 1 lid 1 sub a van de WIN die niet voldoen aan de verplichtingen opgelegd op grond van artikel 18 lid 1 van de WIN en die tevens een uitkering op grond van de wet ontvangen gebeurt conform deze verordening. 2.. Aan nieuwkomers in de zin van artikel 1 lid 1 sub a van de WIN die niet voldoen aan de verplichtingen opgelegd op grond van artikel 18 lid 1 van de WIN en die geen uitkering op grond van de wet ontvangen. wordt een bestuurlijke boete opgelegd. 3.. De hoogte van de boete wordt afgestemd op de ernst van het feit, de omstandigheden waarin de nieuwkomer verkeert, en de mate van verwijtbaarheid. 4.. Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, kan het college van burgemeester en wethouders besluiten van het opleggen van een boete af te zien. 5.. De hoogte van de boete wordt vastgesteld conform artikel 3 categorie 2. 6.. Bij toepassing van lid 5 wordt van de norm uitgegaan die zou gelden voor de nieuwkomer indien deze belanghebbende in de zin van de wet zou zijn. 7.. De bevoegdheid tot het opleggen van een boete vervalt twee jaar nadat de overtreding is begaan. 8.. Indien het college of een ambtenaar jegens de nieuwkomer een handeling verricht waaraan deze in redelijkheid de gevolgtrekking kan verbinden dat aan hem wegens een bepaald feit een boete zal worden opgelegd, is ten aanzien van het horen van de nieuwkomer en de verdere procedures artikel 19 van de WIN van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel