Naar hoofdinhoud
1.. Een schuldhulpverleningstraject eindigt van rechtswege: bij het overlijden van de belanghebbende; bij het succesvol afronden van een schuldhulpverleningstraject. indien belanghebbende zelf verzoekt om beëindiging van het schuldhulpverleningstraject; 2.. Het college kan besluiten tot beëindiging van een schuldhulpverleningstraject; indien belanghebbende de voor de aanvang of voortzetting van het schuldhulpverleningstraject van belang zijnde gegevens of de gevraagde bewijsstukken niet, niet tijdig of onvolledig heeft verstrekt en hem dit te verwijten valt; indien belanghebbende niet voldoet aan de aan het schuldhulpverleningstraject verbonden voorwaarden of verplichtingen; indien belanghebbende na aanvang van het schuldhulpverleningstraject nieuwe schulden heeft gemaakt, zonder hier vooraf toestemming te hebben gevraagd en verkregen; indien belanghebbende anderszins onvoldoende medewerking verleent aan het schuldhulpverleningstraject; bij verhuizing van de belanghebbende naar het buitenland; bij verhuizing naar een gemeente buiten de gemeente Zoeterwoude, voor zover er nog geen sprake is van een lopende schuldregeling; indien tijdens het schuldhulpverleningstraject blijkt dat belanghebbende niet langer tot de doelgroep behoort dan wel dat op belanghebbende alsnog een van de weigeringsgronden zoals bedoeld in artikel 4 van toepassing is; indien door onvoldoende medewerking van de schuldeisers geen schuldregeling tot stand kan komen. 3.. Het college stelt, alvorens tot beëindiging als bedoeld in het vorige lid, onder a, b, d en g te besluiten, belanghebbende in de gelegenheid om binnen een redelijke termijn de gevraagde medewerking te verlenen of informatie te verstrekken.

Rechtspraak bij dit artikel