De belasting wordt niet geheven voor honden:
die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij te samen met de moederhond worden gehouden;
die uitsluitend dienen om blinde personen te leiden;
waarvan de houder in het bezit is van een geldend diploma van het hoofdcomité van het Nederlandse Rode Kruis;
die door geaccrediteerde leden (full-members) van Assistance Dogs Europe (ADEu) als gehandicaptenhond aan een gehandicapte ter beschikking zijn gesteld;
die verblijven in een hondenasiel, zijnde een aan één locatie gebonden ruimte of ruimtes bestemd of gebruikt voor het in bewaring houden van honden die zwervend zijn aangetroffen, dan wel waarvan door de eigenaar permanent afstand is gedaan en welke locatie als inrichting is aangemeld overeenkomstig artikel 3.7, eerste lid, van het Besluit houders van dieren;
waarvan de houder zich in de loop van het belastingjaar in de gemeente heeft gevestigd, doch slechts voor het tijdvak van het lopende belastingjaar, waarover voor deze hond(-en) elders belasting is betaald of verschuldigd is en geen recht op ontheffing of vermindering van die elders betaalde belasting bestaat;
die in het kader van een opleiding tot blindengeleidehond door het Koninklijk
Nederlands Geleidehonden Fonds, worden gehouden door een pleeggezin;
die in het kader van een opleiding door het Nederlandse Rode Kruis worden
gehouden door een pleeggezin;
die in het kader van een opleiding van geaccrediteerde leden (full-members) van Assistance Dogs Europe (ADEu) tot gehandicaptenhond, worden gehouden door een pleeggezin.
Artikel 7.
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van de hondenbelasting 2017