Het college stemt de voorziening, met uitzondering van de
voorziening aan geestelijk bedienaren, af op het startniveau en
de vaardigheden, de persoonlijke omstandigheden en de
maatschappelijke positie van de inburgeringsplichtige.
Indien de inburgeringsplichtige een voorziening gericht op
arbeidsinschakeling wordt aangeboden, draagt het college er zorg
voor dat de voorziening wordt afgestemd op de voorziening
gericht op arbeidsinschakeling.
Een voorziening kan, naast datgene wat in de wet is geregeld,
een of meer van
de volgende onderdelen bevatten:
voorzieningen zoals bedoeld in de artikelen 11, 12, 13,
14, 15, 16, 17 en 18 van de
reïntegratieverordening;
overige voorzieningen die toeleiden naar arbeid;
overige voorzieningen die bijdragen aan een volwaardige
integratie en participatie;
overige voorzieningen zoals genoemd in de nota
Minimabeleid;
reiskosten op basis van openbaar vervoer, te vergoeden
vanaf thuis tot de inburgeringsvoorziening,
onafhankelijk van de afstand.
Hoofdstuk 2.
Artikel 4
De samenstelling van de voorziening
Onderdeel van Verordening Inburgering 2010