Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 2

Verkenning, Contouren, Hoofdlijnen en het Kunstenplan

Onderdeel van Verordening Amsterdamse culturele infrastructuur, Hoofdlijnen en Kunstenplan

a.. Op grond van de Verordening op de Amsterdamse Kunstraad  stelt de  AKr halverwege de kunstenplanperiode de Verkenning op. b.. Het college heeft, volgend op de Verkenning, tot taak om de Contouren op te stellen. c.. Het college stelt uiterlijk  twee maanden voorafgaand aan  de termijn  waarin de vierjarige Kunstenplansubsidies  kunnen worden aangevraagd met inachtneming van de Verkenning en de Contouren,  de Hoofdlijnen op en legt deze ter vaststelling voor aan de gemeenteraad. d.. De Hoofdlijnen  bevatten  in ieder geval: de beleidsdoelstellingen binnen de culturele infrastructuur ter realisatie waarvan activiteiten voor subsidie in aanmerking komen; de aanwijzing van de kunstinstellingen die  gepositioneerd zijn in  de A-BIS ; de criteria en de uitwerking daarvan die bij de beoordeling van de subsidieaanvragen gehanteerd worden; het financieel kader waarbinnen de subsidieverstrekking geschiedt en de subsidieregelingen en - reglementen op basis waarvan subsidies in het kader van het Kunstenplan worden verstrekt. e.. Uiterlijk drie maanden voorafgaande aan het eerste jaar van de Kunstenplanperiode stelt het college het Kunstenplan op en  legt dit voor zover het gemeentelijk beleid betreft ter instemming  voor aan de gemeenteraad. Bij het  Kunstenplan wordt ter kennisname  een overzicht gevoegd van de subsidies die het college op grond van deze verordening aan de A-Bis verstrekt en die het AFK op  grond van de Hoofdlijnen en de daarbij behorende regelingen verstrekt. f.. Het college kan de termijn   als bedoeld  in het  derde en vijfde lid , met ten hoogste een maand verlengen.

Rechtspraak bij dit artikel