Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 2.2.

Samenstelling

Onderdeel van Verordening rekenkamercommissie Westerveld

1.. De commissie bestaat uit drie leden. 2.. De leden worden door en op voordracht van de raad benoemd. 3.. De leden mogen geen lid van de gemeenteraad of het college van burgemeester en wethouders zijn en moeten onafhankelijk zijn ten opzichte van de gemeente en het gemeentebestuur van Westerveld. 4.. De leden worden benoemd voor een periode van vier jaar en kunnen één keer worden herbenoemd voor een periode van vier jaar. 5.. De leden leggen alvorens zij hun functie uitoefenen in de vergadering van de raad in de handen van de voorzitter van de raad de eed (verklaring of belofte) af: “Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de rekenkamercommissie benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of voorwendsel ook, enige gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de rekenkamercommissie naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig! (Dat verklaar en beloof ik!)” 6.. De commissie benoemt uit haar leden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter. 7.. De voorzitter draagt zorg voor het bijeenroepen van de vergaderingen, het leiden van de vergaderingen, het bewaken van de uitvoering van het onderzoek, de werkwijze en het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. Hij voert hiertoe regelmatig overleg met het secretariaat. 8.. Voorafgaand aan de (her)benoeming van de voorzitter en de overige leden van de rekenkamercommissie pleegt de raad overleg met de rekenkamercommissie.

Rechtspraak bij dit artikel