De vertrouwenspersoon heeft tot taak:
het aanhoren van hetgeen is voorgevallen;
het omgaan met de daarbij optredende emoties;
het slachtoffer wijzen op de mogelijkheden om verdere actie te ondernemen;
het desgevraagd begeleiden en ondersteunen van de klager tijdens de klachtenprocedure;
het doorverwijzen naar externe deskundigen als verdere opvang noodzakelijk is;
het signaleren naar de leiding van de organisatie;
het geven van nazorg aan het slachtoffer;
het geven van voorlichting er toe leidende dat op serieuze wijze gesproken kan worden over ongewenste intimiteiten en de problemen die daarvan het gevolg kunnen zijn;
het bijhouden van een registratie van de klachten.
De vertrouwenspersoon dient:
de deskundigheid die noodzakelijk is voor de uitoefening van de functie te onderhouden en zonodig te vergroten;
de anonimiteit van de klager te garanderen.
De vertrouwenspersoon heeft niet tot taak te bemiddelen.