Het subsidieplafond voor zangverenigingen is vastgesteld op € 2.500.
Het subsidieplafond voor toneelverenigingen is vastgesteld op € 1.800
3.Burgemeester en wethouders verstrekken jaarlijks een basisbedrag per vereniging en een bedrag per actief jeugdlid tot een maximum van 30 jeugdleden.
4.Het beschikbare budget wordt als volgt verdeeld:
een basisbedrag van € 270
een bedrag per jeugdlid van € 34
2.2 Culturele activiteiten
2.Artikel 2.10 Te subsidiëren activiteiten
2.Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verstrekken voor het organiseren van culturele activiteiten op het gebied van podiumkunsten, beeldende kunst, literatuur en muziek.
2.Artikel 2.11 Subsidieplafond, hoogte van de subsidie en wijze van verdeling
Het subsidieplafond voor het organiseren van culturele activiteiten is vastgesteld op € 12.000.
Het beschikbare budget wordt als volgt verdeeld:
2.Eenmalige culturele activiteiten
voor eenmalige culturele activiteiten is een bedrag van € 10.000 beschikbaar;
maximaal de helft van de noodzakelijk gemaakte kosten wordt gesubsidieerd met een maximum van € 1.500 per activiteit, dit ter beoordeling van burgemeester en wethouders.
2.Activiteiten voor jongeren op het terrein van de amateurkunst
voor activiteiten voor jongeren georganiseerd door verenigingen amateurkunst is een bedrag van € 2.000 beschikbaar;
maximaal de helft van de noodzakelijk gemaakte kosten wordt gesubsidieerd met een maximum van € 1.000 per activiteit, dit ter beoordeling van burgemeester en wethouders;
de activiteit dient ter stimulering van het binden van jongeren aan de amateurkunst;
samenwerking met het onderwijs en/of culturele instellingen, zoals het cultuurcentrum, is een voorwaarde.
2.3 Friese taal en cultuur
2.Artikel 2.12 Te subsidiëren activiteiten
Burgemeester en wethouders kunnen subsidie verstrekken voor het organiseren van activiteiten op het gebied van de Friese taal en cultuur.
De activiteiten worden als volgt verdeeld:
eenmalige activiteiten in het voorschools, basis- en voortgezet onderwijs;
overige activiteiten.
2.Artikel 2.13 Subsidieplafond en hoogte van de subsidie
Het subsidieplafond voor het organiseren van activiteiten zoals genoemd in het tweede lid, onder a is vastgesteld op € 2.500.
Het subsidieplafond voor het organiseren van activiteiten zoals genoemd in het tweede lid, onder b is vastgesteld op € 3.000.
Maximaal de helft van de noodzakelijk gemaakte kosten wordt gesubsidieerd met een maximum van € 1.000 per activiteit, dit ter beoordeling van burgemeester en wethouders.
Hoofdstuk
Artikel 2.7
Subsidieplafond, hoogte van de subsidie en wijze van verdeling
Onderdeel van Subsidieregeling Samenleving