Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 10.

Bijdrage in de kosten

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Assen 2016

1. . Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd: voor het gebruik van een algemene voorziening, niet zijnde cliëntondersteuning; voor een maatwerkvoorziening in natura dan wel een persoonsgebonden budget (PGB), zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het PGB wordt verstrekt. 2. . De hoogte van de bijdrage wordt bepaald door: De kostprijs: de bijdrage van de maatwerkvoorziening, dan wel het totaal van de bijdragen, is gelijk aan de kostprijs, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 of lid 3 of 4 van dit artikel geen of een lagere bijdrage is verschuldigd. vervallen 3. . De bijdrage van de cliënt voor de in dit lid opgenomen maatwerkvoorzieningen, dan wel het totaal van de bijdragen voor deze voorzieningen, bedraagt € 17,50 per bijdrageperiode, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 geen of een lagere eigen bijdrage verschuldigd is. Het betreft de bijdrage voor de hoofdresultaten: V1 Veilige huiselijke relatie Z1 Zelfstandig wonen Z2 Financiën op orde Z3 omgang met instanties op orde Z4 Activiteiten dagelijks leven op orde M2 Educatieve dagbesteding M3 Dagbesteding M4 Sociaal netwerk M5 Maatschappelijke participatie G1 Gezondheid G2 Verslaving 4. . Er wordt geen eigen bijdrage opgelegd voor de maatwerkvoorziening met hoofdresultaat M1 arbeidsmatige dagbesteding. 5. . Als de bijdrage voor een maatwerkvoorziening of PGB voor de woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd, is de bijdrage verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk wetboek gegrond verzoek is afgewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt. 6. . Het college bepaalt bij nadere regels door welke andere instantie dan het CAK in de gevallen bedoeld in artikel 2.1.4., zevende lid van de Wet, de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of PGB worden vastgesteld en geïnd. 7. . De kostprijs van een maatwerkvoorziening wordt bepaald: door aanbesteding; na een consultatie in de markt, of in overleg met de aanbieder.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel