Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5.

Artikel 5.4

Hoogte persoonsgebonden budget diensten, niet zijnde opvang en beschermd wonen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Raalte 2017

1.. De hoogte van een persoonsgebonden budget wordt vastgesteld op het aantal geïndiceerde uren dan wel een tijdseenheid naar rato daarvan of het aantal geïndiceerde dagdelen of etmalen in natura. 2.. De hoogte van een persoonsgebonden budget: is mede gebaseerd op het door de cliënt opgestelde Budgetplan over hoe zij het persoonsgebonden budget gaat besteden; is toereikend om geïndiceerde maatschappelijke ondersteuning in te kunnen kopen welke naar oordeel van het college voldoet aan de kwaliteit met betrekking tot het doel (resultaat) waarvoor het persoonsgebonden budget wordt verleend. bedraagt niet meer dan het maximum van de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst passende bijdrage in natura, tenzij de cliënt aantoont dat met het toe te kennen persoonsgebonden budget de geïndiceerde maatwerkvoorziening niet kan worden ingekocht. 3.. Voor de goedkoopst passende bijdrage hanteert het college gedifferentieerde tarieven die zijn afgeleid van de tarieven waarvoor het college de geïndiceerde diensten heeft ingekocht. Het persoonsgebonden budget bedraagt: 90% van het tarief voor een daartoe opgeleid persoon in dienst van een professionele instelling; 75% van het tarief voor een daartoe opgeleid persoon werkzaam als zelfstandig werkend ondernemer of via een arbeidsovereenkomst; 50% van het tarief voor een persoon uit het sociale netwerk dan wel een persoon anders dan de onder a en b genoemde ondersteuners met een maximum tarief van € 20,- per uur of naar rato daarvan. 4.. Het tarief vervoer van en naar de locatie waar de geïndiceerd maatwerkvoorziening wordt geboden is gelijk aan het tarief dat voor zorg in natura wordt gehanteerd. 5.. Het college stelt de tarieven die het verschuldigd is aan de (gecontracteerde) aanbieders vast in het Besluit.

Rechtspraak bij dit artikel