Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van staangeld 2017

1.. Het recht als bedoeld in artikel 2 is verschuldigd bij het begin van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, dan wel de vrijstelling genoemd in artikel 4 vervalt, wordt het tarief uit de tarieventabel vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller vermeldt het werkelijk aantal ingenomen c.q. gebruikte kalenderdagen en waarvan de noemer vermeldt dertig. 3.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, dan wel de vrijstelling genoemd in artikel 4 van toepassing wordt, wordt het tarief uit de tarieventabel vermenigvuldigd met een breuk waarvan de teller vermeldt het werkelijk aantal ingenomen c.q. gebruikte kalenderdagen en waarvan de noemer vermeldt dertig. 4.. Belastingaanslagen van € 5,-- of minder worden niet opgelegd. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van de op één aanslag verschuldigde bedragen voor belastingen of andere heffingen aangemerkt als één belastingaanslag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel