Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Algemene verordening ondergrondse infrastructuren

In deze verordening wordt verstaan onder: wet: Telecommunicatiewet, Belemmeringenwet Privaatrecht, Gemeentewet college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente; net of netwerk: samenstel van openbare ondergrondse kabel(s) en/of leiding(en), bestemd voor het transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen, van energie of van informatie (een, al dan niet, openbaar, elektronisch communicatienetwerk als bedoeld in artikel 1.1.onder e en h van de Telecommunicatiewet); kabels en leidingen/voorzieningen: kabels en/of leidingen als onderdeel van een net(werk), daaronder mede begrepen de daarmee verbonden transformator-, schakel-, verdeel- en onderstations en andere hulpmiddelen, behoudens voor zover deze verbindingen en hulpmiddelen liggen binnen de installatie van een producent of van een afnemer, en tevens omvattende lege buizen, ondergrondse ondersteuningswerken en beschermingswerken; voorbeelden van deze kabels en leidingen zijn telecommunicatie- en omroepkabels, elektriciteitskabels (koppel-, transport- en distributiekabels), gasleidingen (transport-, distributie- en dienstleidingen), waterleidingen, rioleringen (buizen) en kabels en leidingen ten behoeve van industriële netwerken; aansluiting: het gedeelte van de kabel of leiding door openbare grond dat een netwerk verbindt met een netwerkaansluitpunt ten behoeve van een onroerende zaak als bedoeld in artikel 16, onderdelen a tot en met d, van de Wet waardering onroerende zaken, of met een ander netwerk; openbare gronden: openbare gronden, als genoemd in artikel 1.1, onder aa, van de Telecommunicatiewet; netbeheerder/netwerkbeheerder: rechtspersoon die is aangewezen als netwerkaanbieder beheerder van een net voor levering van elektriciteit, gas of water of van een (al dan niet openbaar) elektronisch communicatienetwerk dan wel die aanbieder is van een (al dan niet openbaar) elektronisch communicatienetwerk; de netbeheerder kan gedoogplichtige zijn en opdrachtgever/grondroerder; opdrachtgever: degene die opdracht geeft tot het uitvoeren van een werk waarbij (graaf-) werkzaamheden worden verricht; (waaronder mede verstaan wordt degene die in eigen naam en voor eigen rekening kabels en/of leidingen ten dienste van een netwerk aanlegt, instandhoudt en opruimt); grondroerder: partij onder wiens verantwoordelijkheid of leiding (graaf-)werkzaamheden worden verricht die met inachtneming van het bepaalde in deze verordening een instemmingsaanvraag doet; indien deze partij zich laat vertegenwoordigen door een (onder)aannemer of uitvoerder, dient deze te beschikken over een machtiging van de partij namens welke opgetreden wordt; gedoogplichtige: degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in artikel 1, van de Belemmeringenwet Privaatrecht of in artikel 5.2, eerste lid, van de Telecommunicatiewet; melder: netbeheerder (of degene die door de netbeheerder gemachtigd is namens deze op te treden), die met inachtneming van het bepaalde in deze verordening melding doet van (voorgenomen) werkzaamheden; werkzaamheden: handmatige en mechanische (graaf)werkzaamheden in de openbare grond in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen minder ingrijpende werkzaamheden: het realiseren van incidentele (huis-)aansluitingen met een gezamenlijk lengte korter dan vijfentwintig meter in of op openbare gronden, waarbij geen gesloten verhardingen worden gekruist, en voor minder ingrijpende reparatie- of onderhoudswerkzaamheden; instemmingsbesluit: besluit van het college op een aanvraag van voorgenomen werkzaamheden; werken: een constructie, of werkzaamheden, niet zijnde een gebouw, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; verordening: Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren;deze dient tevens als gemeentelijke Telecomverordening zoals verplicht op grond van artikel 5.4 lid 4 en 5 Telecommunicatiewet; niet-openbare kabels: kabels en leidingen (dan wel het netwerk waartoe deze behoren) die niet en leidingen gebruikt worden om openbare diensten aan te bieden, waaronder  verstaan wordt het aanbieden van diensten die beschikbaar zijn voor het publiek; openbare gronden: openbare wegen en wateren voor zover de gemeente deze gronden beheert, in bezit heeft dan wel daarover coördinatieverplichtingen heeft conform de Telecommunicatiewet en de Belemmeringenwet Privaatrecht, marktconforme kosten: kosten zoals deze onder normale omstandigheden in een markteconomie op de desbetreffende markt worden gemaakt; breekverbod: verbod voor het uitvoeren van breek- en graafwerkzaamheden in de grond, geldend bij een gesloten sneeuwdek en/of vorst in de grond; sleufbreedte: de gemiddelde breedte van het grondverzet, gemeten als breedte van de open gebroken verharding naar boven afgerond op 5 centimeter. Dit met een minimale breedte van 30 centimeter voor tegelverharding en een minimale breedte van 20 centi-meter voor klinkerverharding.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel