Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2. › AFDELING 7.

Artikel 2:25

Evenement

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Etten-Leur 2017

1.. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2.. Geen vergunning is vereist voor het organiseren van een evenement, dat aan elk van de volgende voorwaarden voldoet: Het aantal aanwezigen bedraagt niet meer dan 250 personen of, in geval van een optocht georganiseerd door scholen of wijk/buurtverenigingen maximaal 1000 aanwezige personen en waarbij geen motorrijtuigen, zoals gedefinieerd in de Wegenverkeerswet 1994 deelnemen; Er wordt geen (of gedeelte van een) gebiedsontsluitingsweg afgezet; Het evenement vindt plaats tussen 07.00 uur en 24.00; Het evenement duurt niet langer dan één dag; Het evenement vormt geen belemmering voor de hulpdiensten; dat wil zeggen er is altijd een vrije doorgang van 3.50 meter breed en 4.20 meter hoog; Er worden alleen kleine objecten geplaatst met een oppervlakte van minder dan 100m² per object. Deze objecten worden minimaal 5 meter uit de bestaande bebouwing geplaatst en staan niet opgesteld in bovengenoemde vrije doorgang; In een eventueel opgestelde tent (welke zodanig is opgesteld dat dit voldoet aan de hierboven genoemde voorwaarden) zijn minder dan 50 personen gelijktijdig aanwezig; Van de festiviteiten is geen overmatige geluidshinder te duchten door het gebruik van versterkte (live)muziek; De organisator stelt de burgemeester tenminste 5 werkdagen voorafgaand aan het evenement hiervan in kennis middels een digitale of schriftelijke melding. 3.. De burgemeester kan nadere regels stellen in het belang van de openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid en het milieu. 4.. De burgemeester kan binnen 5 dagen na ontvangst van de melding besluiten het organiseren van een evenement als bedoeld in het tweede lid te verbieden, indien er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. 5.. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor een wedstrijd op of aan de weg, voor zover in het geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994. 6.. In afwijking van artikel 1:3 lid 1 wordt een afwijkende indieningtermijn gehanteerd van acht weken. 7.. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel