**1..** De eigenaar of houder van een hond die een (zeer) ernstig
bijtincident heeft begaan wordt gevraagd om afstand te doen van
zijn hond.
**2..** De burgemeester geeft bevel tot het onvrijwillig in beslag nemen
van de hond indien de houder niet vrijwillig afstand doet van de
hond en de burgemeester vreest dat de kans op bijtrecidive
aanwezig is, of als de hond al eerder een bijtincident heeft
veroorzaakt.
**3..** Bij het onvrijwillig in beslag nemen kan in opdracht van de
houder de hond aan een risico-assessment worden onderworpen die
de burgemeester betrouwbaar acht. De test zal moeten uitwijzen
of de hond resocialiseerbaar of elders herplaatsbaar is, of dat
het risico bij terugplaatsing bij de houder als te groot moet
worden ingeschat.
**4..** De kosten van vervoer, verblijf, test en eventueel laten doden
van de hond komen voor rekening van de houder van de hond.
**5..** Bij bijtrecidive of bij (zeer) ernstige bijtincidenten
informeert de gemeente het Openbaar Ministerie zodat dit kan
overwegen of het instellen van strafvervolging tegen de houder
van de hond, terzake van mishandeling, vernieling, geen
voldoende zorg dragen voor onschadelijk houden van een
gevaarlijk dier, of overtreding van de APV aan de orde is.
**6..** Indien de burgemeester bij de situatie uit het tweede lid niet
vreest dat recidive zal plaatsvinden, dan kan het college de
hond aanwijzen als gevaarlijke hond.
HOOFDSTUK 2. › AFDELING 11.
Artikel 2:59B
Optreden tegen ernstige bijtincidenten
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Etten-Leur 2017