Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 6.

PGB Vervoervoorzieningen

Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Hof van Twente 2017

De hoogte van het PGB voor aanschaf van een vervoermiddel is gelijk aan de kostprijs van de goedkoopst compenserende voorziening, zoals deze door de gemeente kan worden aangeschaft bij een van de gecontracteerde leveranciers. Het PGB wordt betaald aan de budgethouder, nadat deze een getekende opdracht-bevestiging dan wel factuur heeft overgelegd. Indien een PGB voor aanschaf van een vervoermiddel wordt verstrekt, wordt ook een PGB voor instandhoudingkosten toegekend. Het PGB voor de instandhoudingkosten gaat in op het moment dat de garantie op de voorziening is afgelopen. Indien van toepassing, wordt gedurende de garantieperiode een PGB toegekend ter hoogte van de werkelijke kosten van een WA-verzekering. Het PGB voor de instandhoudingkosten wordt achteraf op declaratiebasis betaald zolang de technische levensduur van de voorziening niet is verstreken. De hoogte van het PGB voor instandhoudingkosten is beperkt tot de werkelijk gemaakte kosten en is gemaximeerd tot het tarief dat voor de van toepassing zijnde productcategorie hiervoor door de goedkoopste gecontracteerde leverancier wordt gehanteerd. Gebruik eigen auto: Het PGB voor het gebruik van een eigen auto bedraagt € 478,00 op jaarbasis het onder a bedoelde PGB bedraagt op jaarbasis € 524,00 indien het recht op deze tegemoetkoming op 31 december 2012 of eerder al was vastgesteld en toegekend. Het PGB voor individueel gebruik van een (rolstoel)taxi wordt gebaseerd op: a.een verplaatsing van 1850 km op jaarbasis b.een maximale verplaatsing van 28 kilometer rondom het woonadres c.de kosten van het reguliere taxi/rolstoeltaxitarief per kilometer, d.het van toepassing zijnde reguliere voorrijdtarief per rit en e.een eigen bijdrage ad € 0,22 per kilometer, gebaseerd op de gebruikersbijdrage voor Wmo-pashouders. f.Indien de rit meer dan 20 kilometer is, is de bijdrage per kilometer vanaf de 21e kilometer € 1,10. Betalingen uit het PGB geschieden achteraf en op declaratiebasis, met uitzondering het PGB als bedoeling artikel 8. Het PGB voor gebruik van een eigen auto vindt per kwartaal achteraf plaats. Indien de persoon met beperkingen beschikt over een eigen auto en er de voorkeur aan geeft om deze te gebruiken in plaats van de (rolstoel)taxi, kan in plaats van een voorziening als bedoeld in lid 8, een PGB in de kosten van gebruik van de eigen auto als bedoeld in het achtste lid worden toegekend, waarbij de indicatie “individueel taxivervoer” in stand blijft. Aanvullende vervoervoorziening: rechthebbenden op een dergelijke voorziening ontvangen 50% van de in lid 7 en lid 8 genoemde budgetten. Aanpassingskosten van de eigen auto: Deze voorziening wordt slechts toegekend indien de aan te passen auto niet ouder is dan vijf jaar. De kosten van de noodzakelijke aanpassingen worden voor 100% vergoed, behoudens algemeen gebruikelijkevoorzieningen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel