**1..** Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd:
voor het gebruik van een algemene voorziening, niet zijnde cliëntondersteuning, en,
voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt, en afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot.
voor een maatwerkvoorziening in de vorm van beschermd wonen en die indicatie verzilverd in een accommodatie (de beschermende woonomgeving) van een instelling
**2..** Het college kan bij nadere regeling bepalen:
voor welke algemene voorzieningen, niet zijnde cliëntondersteuning, de cliënt een bijdrage is verschuldigd;
wat per soort algemene voorziening de hoogte van deze bijdrage is; en
voor een bepaalde groep mensen een korting kan gelden op de bijdrage voor een algemene voorziening.
**3..** Bijdrage in de kosten van algemene voorzieningen
Een cliënt is een bijdrage verschuldigd in de kosten voor het gebruik van huishoudelijke hulp niveau I, in de vorm van een dienstenvoucher ter hoogte van € 9,50 per uur;
De tarieven voor het collectief vraagafhankelijk vervoer voor wmo-geïndiceerden per 1 januari 2017 als volgt vastgesteld:
een opstaptarief van € 1,45 en een kilometertarief van € 0,23 voor ritten van maximaal 20 km, op werkdagen tussen 6.00 en 9.00 uur;
een opstaptarief van € 0,89 en een kilometertarief van € 0,15 voor ritten van maximaal 20 km, op de overige tijden;
een kilometertarief van € 1,50 voor reisafstanden tussen 20 km en 40 km.
**4..** De bijdrage, dan wel het totaal van de bijdragen, is gelijk aan de kostprijs, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 een lagere bijdrage is verschuldigd.
**5..** De bedragen per vier weken, de inkomensbedragen en de percentages die gelden voor de berekening van de eigen bijdrage zijn gelijk aan die genoemd in artikel 3.1, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 en de Maatregel tegemoetkoming eenverdienerhuishoudens met een chronisch zieke partner(kamerbrief 5 oktober 2016. Deze bedragen:
voor een éénpersoonshuishouden, pensioengerechtigde leeftijd nog niet bereikt, € 17,50 per vier weken, met dien verstande dat indien zijn inkomen meer bedraagt dan € 22.632,– per jaar, het bedrag van € 17,50 per vier weken wordt verhoogd met een dertiende deel van 12,50% van het verschil tussen zijn jaarinkomen en € 22.632,–
voor een éénpersoonshuishouden pensioengerechtigde leeftijd wel bereikt € 17,50 per vier weken, met dien verstande dat indien zijn inkomen meer bedraagt dan € 17.033,– per jaar, het bedrag van € 17,50 per vier weken wordt verhoogd met een dertiende deel van 12,50 % van het verschil tussen zijn jaarinkomen en € 17.033,–;
voor een meerpersoonshuishouden waarvan een van beiden pensioengerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt of beiden pensioengerechtigde leeftijd nog niet hebben bereikt € 0,00 per vier weken, met dien verstande dat indien hun gezamenlijke inkomen meer bedraagt dan € 35.000,– per jaar, het bedrag van € 0,00 per vier weken wordt verhoogd met een dertiende deel van 12,50% van het verschil tussen zijn jaarinkomen en € 35.000,–;
voor een meerpersoonshuishouden, pensioengerechtigde leeftijd wel bereikt € 17,50 per vier weken, met dien verstande dat indien hun gezamenlijke inkomen meer bedraagt dan € 23.525,– per jaar, het bedrag van € 17,50 per vier weken wordt verhoogd met een dertiende deel van 12,50% van het verschil tussen zijn jaarinkomen en € 23.525,–.
**6..** De kostprijs van een:
maatwerkvoorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder;
pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb.
**7..** In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4, zevende lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door CAK (Centraal administratief kantoor) vastgesteld en geïnd.
**8..** De bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.
HOOFDSTUK 4:
Artikel 19.
Bijdrage in de kosten
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Winterswijk 2017