Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 9.

Financieringsfunctie

Onderdeel van Financiële verordening Peelgemeenten 2017

1.. Het Dagelijks bestuur zorgt bij het uitoefenen van de financieringsfunctie voor: het aantrekken van voldoende financiële middelen en het uitzetten van overtollige gelden om de programma’s binnen de door het Algemeen bestuur vastgestelde kaders van de begroting uit te voeren; het beheersen van de risico’s verbonden aan de financieringsfunctie zoals renterisico’s, koersrisico’s en kredietrisico’s; het beperken van de kosten van leningen en het bereiken van een voldoende rendement op uitzettingen; het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities. 2.. Het Dagelijks bestuur neemt bij het uitvoeren van de financieringsfunctie de volgende richtlijnen in acht: het uitzetten van overtollige geldmiddelen gebeurt uitsluitend bij ’s Rijks schatkist; het gebruik van derivaten is niet toegestaan; voor het aantrekken van financieringen met een looptijd van één jaar en langer worden tenminste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen gevraagd; overeenkomsten voor het aangaan van leningen, het uitzetten van middelen of het verlenen van garanties luiden in euro’s (€). 3.. Bij het uitzetten van middelen, het verstrekken van garanties en het aangaan van financiële participaties uit hoofde van de publieke taak bedingt het Dagelijks bestuur indien mogelijk zekerheden. Het Dagelijks bestuur motiveert in zijn besluit het openbaar belang van dergelijke uitzettingen van middelen, verstrekkingen van garanties en financiële participaties. 4.. Het Dagelijks bestuur stelt jaarlijks voor aanvang van het begrotingsjaar op basis van de vastgestelde begroting van zowel de gemeenschappelijke regeling als de begroting van de deelnemende gemeenten de maandelijkse bevoorschotting voor het begrotingsjaar vast.

Rechtspraak bij dit artikel