Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Bepalingen m.b.t. tegemoetkoming in de reiskosten

Onderdeel van Wijziging Vergoedingsregeling Reiskosten GGD Groningen

1.. De werkgever bepaalt in overleg met de medewerker van welke vorm van vervoer gebruik gemaakt wordt. 2.. Indien de werkgever op basis van bedrijfseconomische gronden een vervoermiddel aan de medewerker beschikbaar stelt, wordt voor de daarmee afgelegde reizen geen vergoeding toegekend. 3.. Indien, met in acht neming van hetgeen in lid 1 en lid 2 bepaald is, een reis voor het werk gemaakt wordt met eigen vervoer, dan kan door de medewerker een declaratie ingediend worden voor alle afgelegde kilometers. De vastgestelde woon-werk-kilometers worden vergoed à € 0,15 per kilometer, alle overige kilometers worden vergoed à € 0,27 per kilometer (netto). Ligt de eigen woning van de medewerker buiten het werkgebied dan geldt voor reizen voor het werk binnen het werkgebied dat maximaal 10 kilometer per gewerkte dag buiten het werkgebied gedeclareerd mag worden. 4.. In basis geldt dat parkeergelden onderdeel zijn van de genoemde vergoedingen voor dienstreizen. Alleen in de volgende situaties kan een declaratie van parkeergeld ingediend worden: Indien de medewerker bij een kort bezoek aan het Hanzeplein geen toegang heeft tot het parkeerterrein achter het gebouw aan het Hanzeplein, dan kan voor maximaal 3 uur aan parkeerkosten in een nabij gelegen parkeergarage gedeclareerd worden. Indien een medewerker in het kader van een kort bezoek (bijv. inspectiebezoek, huisbezoek, korte afspraak op een school) maximaal 3 uur op een plaats moet zijn waar parkeergeld geheven wordt, kunnen deze kosten gedeclareerd worden.

Rechtspraak bij dit artikel