**1..** In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
algemeen gebruikelijke voorziening: een voorziening die niet speciaal bedoeld is voor mensen met een beperking, die algemeen verkrijgbaar is en die niet aanzienlijk duurder is dan vergelijkbare producten;
algemeen gebruikelijk: naar geldende maatschappelijke normen tot het gangbare gebruiks- dan wel bestedingspatroon van een persoon als de aanvrager behorend;
collectieve maatwerkvoorziening: een maatwerkvoorziening die door meerdere personen tegelijk kan worden gebruikt;
gemeenschappelijke ruimte: gedeelte(n) van een woongebouw, niet behorende tot de onderscheiden woningen, bestemd en noodzakelijk om de woonruimte van de cliënt waar deze zijn hoofdverblijf heeft vanaf de toegang tot het woongebouw te bereiken;
gesprek: gesprek in het kader van het onderzoek bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid van de wet;
goedkoopst adequate voorziening: de algemene of maatwerkvoorziening die naar objectieve maatstaven gemeten van de geschikte oplossingen de meest goedkope, maar wel adequate ondersteuning biedt;
hoofdverblijf: de woonruimte, bestemd en geschikt voor permanente bewoning, waar de cliënt zijn vaste woon- en verblijfplaats heeft of zal hebben en op welk adres hij in de basisregistratie personen (BRP) ingeschreven staat of zal staan. Als de cliënt met een briefadres in de BRP ingeschreven staat, gaat het om het feitelijke woonadres;
hulpvraag: een melding van wat men nodig heeft aan maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid van de wet;
ingezetene: persoon die zijn hoofdverblijf heeft of zal hebben in de gemeente Doetinchem;
leefeenheid: de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten waarmee de cliënt gemeenschappelijk een woning bewoont en gezamenlijk een huishouden voert;
onverwijld: zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval binnen drie werkdagen;
normale gebruik van de woning: het kunnen verrichten van de elementaire woonfuncties gericht op zelfredzaamheid (eten, slapen, lichaamsreiniging, koken), het verrichten van belangrijke huishoudelijke taken, verplaatsingen in en om de woning waaronder ook de toegang tot de woning. Daarmee kan onder omstandigheden ook de berging en de toegang tot tuin of balkon van de woning worden bedoeld;
voorliggende voorziening: een andere wettelijke regeling op grond waarvan de ingezetene een beroep kan doen in verband met zijn behoefte aan maatschappelijke ondersteuning. Onder omstandigheden van het individuele geval kan daar ook een privaatrechtelijke regeling onder worden verstaan;
vervoersvoorziening: een voorziening, al dan niet gemotoriseerd, waarmee de cliënt zich in zijn leefomgeving kan verplaatsen;
wet: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
woning: een woonruimte welke volgens algemeen maatschappelijk aanvaarde maatstaven bestemd en geschikt is voor permanente bewoning en waarbij geen wezenlijke woonfuncties, zoals woon- en slaapruimte, was- en kookgelegenheid en toilet met andere woningen worden gedeeld. Hiermee wordt bedoeld een woonschip en een woonwagen, mits bestemd én nog ten minste vijf jaar geschikt voor permanente bewoning;
woonvoorziening: een maatwerkvoorziening in de vorm van een woningaanpassing of een maatwerkvoorziening gericht op het zich kunnen verplaatsen in en om de woning;
ondersteunings- en budgetplan: plan opgesteld door (of namens) de cliënt waaruit blijkt op welke manier het persoonsgebonden budget zal worden ingezet en besteed.
**2..** Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de wet, het Uitvoeringsbesluit maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Doetinchem 2017