Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 11.

Duur verlaging bij schending geüniformeerde arbeidsverplichting.

Onderdeel van Verordening Handhaving Participatiewet, IOAW en IOAZ 2017

1.. Als een belanghebbende een verplichting als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de Participatiewet niet of onvoldoende nakomt, bedraagt de verlaging, onverminderd artikel 18, negende en tiende lid van de Participatiewet, 100 % van de bijstandsnorm gedurende een maand. 2.. Bij het niet of onvoldoende nakomen van de verplichting als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de Participatiewet, kan het college met toepassing van artikel 18, vijfde lid, tweede volzin, van de Participatiewet besluiten dat het bedrag van de verlaging wordt verrekend over de maand van oplegging van de maatregel en ten hoogste de twee volgende maanden, waarbij over de eerste maand ten minste 1/3 van het bedrag van de verlaging wordt verrekend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel