Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4. › Afdeling 1.

Artikel 4:6a

(Geluid)hinder in de openlucht

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Alphen aan den Rijn 2014

Het is verboden in de openlucht een geluidsapparaat, een (recreatie)toestel of een machine in werking te hebben op een zodanige wijze dat voor een omwonende of overigens voor de omgeving (geluid)hinder wordt veroorzaakt. Het in het eerste lid bepaalde verbod is in ieder geval van toepassing op werkzaamheden uitgevoerd op maandag t/m vrijdag tussen 19:00 uur en 7:00 uur en/of in het weekend van vrijdag 19:00 uur tot maandag 7:00 uur. Het college kan van het verbod ontheffing verlenen. Het college kan terreinen of wateren aanwijzen, waarop het verbod, vervat in het eerste lid, niet van toepassing is op het in werking hebben van bepaalde in de aanwijzing aangegeven categorieën van geluidsapparaten, (recreatie)toestellen of machines, voor zover wordt voldaan aan de door het college vast te stellen voorschriften ter voorkoming of beperking van (geluid)hinder. De in het derde lid bedoelde voorschriften kunnen onder meer betreffen: het maximale geluidsniveau; de situering van geluidsbronnen; de frequentie en tijden van gebruik. Het verbod geldt niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet geluidhinder, de Zondagswet, de Wet openbare manifestaties, het Vuurwerkbesluit, de Provinciale milieuverordening en/of het Bouwbesluit 2012. Op de ontheffing als bedoeld in het derde lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht  (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Rechtspraak bij dit artikel