Naar hoofdinhoud

Artikel 11.

Regels voor pgb

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Den Helder 2017

Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. Het tarief voor een pgb: is gebaseerd op een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden, en is toereikend om effectieve en kwalitatief goede zorg in te kopen, en bedraagt ten hoogste de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate maatwerkvoorziening in natura. Het college bepaalt bij nadere regeling op welke wijze de hoogte van een pgb wordt vastgesteld. Het college bepaalt bij nadere regeling onder welke voorwaarden betreffende het tarief, een cliënt aan wieeen pgb wordt verstrekt de mogelijkheid heeft om diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen te betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel