De raadscommissie Processturing en Algemene Zaken bestaat uit één
vast lid per fractie, zijnde de fractievoorzitter en één aanvullend lid
ten behoeve voor artikel 2, a rubriek financiën. De voorzitter van de
raad is aanwezig bij de raadscommissie ten behoeve voor artikel 2 a
rubriek agendacommissie.
De raadscommissie Ruimte en de raadscommissie Samenleving bestaat
ieder uit maximaal 22 leden, het gezamenlijk totaal van de twee raadscommissies bedraagt
echter niet meer dan 42 leden. Elke fractie mag twee maal zoveel leden voordragen als dat de
fractie zetels in de raad heeft. Binnen dit maximum is de fractie vrij
om te bepalen of de plaats wordt bezet door een raadlid dan wel
niet-raadslid.
De in het eerste lid genoemde leden worden door de raad op
voordracht van de fracties benoemd.
Een aanvullend lid zoals bedoeld in lid 1 a en een lid als
bedoeld in lid 1 b kan zowel raadslid als niet-raadslid zijn. De
artikelen 10, 11, 12, 13, 14 en 15 van de Gemeentewet zijn van
overeenkomstige toepassing op een lid van een raadscommissie,
met dien verstande dat in afwijking van artikel 14 van de
Gemeentewet het commissielid niet zijnde raadslid de eed of
belofte ook bij de voorzitter van de gemeenteraad kan afleggen
buiten de vergadering. De in het eerste lid onder b en c
genoemde leden dienen daarnaast tijdens de laatste verkiezingen
van de raad geplaatst te zijn op de kandidatenlijst van de
fractie.
De raad benoemt op voordracht van een fractie voor iedere
raadscommissie een plaatsvervangend lid per fractie, die zitting
in een raadscommissie heeft bij verhindering of ontstentenis van
een lid als bedoeld in het eerste lid a, b en c. Het
plaatsvervangend lid voor het vaste lid van de raadscommissie
Processturing en Algemene Zaken is raadslid. Het
plaatsvervangend lid voor het aanvullende lid aan de
raadscommissie Processturing en Algemene Zaken en het
plaatsvervangend lid van de raadscommissies Ruimte en
Samenleving voldoen aan de in artikel 4 derde lid, genoemde
vereisten.
In afwijking van het bepaalde in artikel 4 derde lid kan de raad
buitengewone leden benoemen, met dien verstande dat een fractie
maximaal twee keer in de totale raadsperiode een buitengewoon
lid mag voordragen.