Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6

Veilig Thuis

Onderdeel van Privacyreglement Wmo en Jeugdhulp Gemeente Steenwijkerland

6.1.. Als er signalen zijn van huiselijk geweld of kindermishandeling dan volgt het toegangsteam de stappen van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Het toegangsteam zorgt ervoor dat de stappen die worden ondernomen zorgvuldig worden vastgelegd in het bestand. 6.2.. Over het delen van (welke) persoonsgegevens met Veilig Thuis, zoals genoemd in het vierde lid, wordt de betrokkene vooraf geïnformeerd. 6.3.. De betrokkene wordt vooraf niet geïnformeerd, zoals genoemd in het tweede lid, als dit risico’s voor de veiligheid van de betrokkene of van overige gezinsleden, van (medewerkers van) het toegangsteam, of die van anderen oplevert of kan leveren. Op het moment dat deze risico’s niet meer aanwezig zijn wordt de betrokkene alsnog geïnformeerd. 6.4.. Het toegangsteam kan (persoons)gegevens verstrekken aan Veilig Thuis die noodzakelijk zijn om een situatie van huiselijk geweld of kindermishandeling te beëindigen of een redelijk vermoeden daarvan te onderzoeken. Het gaat dan alleen om die persoonsgegevens die noodzakelijk zijn voor de taak van Veilig Thuis. Dit kan op verzoek van Veilig Thuis en ook uit eigen beweging van het toegangsteam. 6.5.. De grondslag voor het delen van deze persoonsgegevens én het doorbreken van de geheimhoudingsplicht ligt in de wet, wettelijke plicht of op grond van hun ambt of beroep. 6.6.. Van de verstrekking zoals genoemd in het vierde lid wordt een aantekening in het bestand gemaakt. 6.7.. Over het verstrekken van informatie aan Veilig Thuis vindt vooraf overleg plaats met minimaal één collega of coördinator van het toegangsteam, tenzij de urgentie van de situatie dit niet toestaat.

Rechtspraak bij dit artikel