**1..** Instrumentale muziekverenigingen kunnen aanspraak maken op:
een vast bedrag van € 250,- per jaar voor het behoud van het cultureel erfgoed;
een vast bedrag van € 500,- per jaar;
een bedrag van € 30,- per musicerend jeugdlid dat de vereniging aantoonbaar op de peildatum heeft;
een aanvullend bedrag van € 20,- per musicerend jeugdlid dat een professionele muziekopleiding volgt bij het RICK;
een bedrag van € 20,- per musicerend seniorlid dat de vereniging aantoonbaar op de peildatum heeft;
45% van de ten laste van de vereniging komende en door het college goedgekeurde kosten voor de professionele muziekopleidingen die leden volgen bij het RICK;
45% van de jaarlijkse door het college goedgekeurde dirigentkosten tot een maximum van € 5.000,-;
**2..** Het college stelt de hoogte van de subsidie als bedoeld in lid 1 sub g vast op basis van de werkelijke kosten in het jaar, twee jaar voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.
Hoofdstuk 4
Artikel 11