Naar hoofdinhoud
Opdrachtverlening accountantscontrole De accountantscontrole van de jaarrekening als bedoeld in artikel 213, lid 2, Gemeentewet, wordt opgedragen aan een door de raad te benoemen accountant. De benoeming van de accountant vindt eenmaal per raadsperiode plaats. De raad stelt voordat met de accountant een overeenkomst wordt aangegaan het programma van eisen vast. In het programma van eisen worden voor de jaarlijkse accountantscontrole opgenomen: de toe te passen goedkeuringstoleranties (en afwijkende rapporteringstoleranties) bij de controle van de jaarrekening; de apart te controleren deelverantwoordingen en de daarbij toe te passen goedkeuringstoleranties (en afwijkende rapporteringstoleranties); de inrichtingseisen voor het verslag van bevindingen; de eventueel aanvullende uit te voeren tussentijdse controles; de frequentie en inrichtingseisen van de aanvullende tussentijdse rapportering. De raad kan in het programma van eisen opnemen dat de raad jaarlijks voorafgaande aan de accountantscontrole, in overleg met de accountant, specifieke aandacht vraagt voor onderwerpen. Hierbij kunnen afwijkende rapporteringstoleranties afgesproken worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel