Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 6

(Geen) Bereidverklaring

Onderdeel van Beleidsregels Taaleis gemeente Rijswijk 2017

1.. Als uit de uitkomst van de taaltoets blijkt dat de belanghebbende de Nederlandse taal in onvoldoende mate beheerst en er geen sprake is van het ontbreken van elke vorm van verwijtbaarheid, verzoekt het college de belanghebbende om zich binnen één kalendermaand na de kennisgeving als bedoeld in artikel 5 van deze beleidsregels, bereid te verklaren om aan te vangen met het verwerven van de vaardigheden in de Nederlandse taal. 2.. Het college legt de bereidverklaring als bedoeld in het eerste lid, vast in het Plan van Aanpak tijdens een contactmoment in het kader van de arbeidsinschakeling, dat plaatsvindt binnen twaalf weken na uitkomst van de taaltoets. Tijdens dit contactmoment geeft het college aan de belanghebbende aan op welke wijze hij de vaardigheden in de Nederlandse taal moet verwerven. 3.. Als de belanghebbende zich niet binnen één kalendermaand na de kennisgeving bereid verklaart om aan te vangen met het verwerven van de vaardigheden in de Nederlandse taal, legt het college hem een maatregel op als bedoeld in artikel 18b, eerste en negende lid Participatiewet. 4.. Wanneer de belanghebbende, die zich bereid heeft verklaard de Nederlandse taal te verbeteren, in een volgend contactmoment niet kan aantonen dat hij hiertoe voldoende inspanningen heeft verricht, legt het college hem een maatregel op als bedoeld in artikel 18 vierde lid onder f of h van de Participatiewet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel