Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Toelichting/deelname aan beraadslaging in raad

Onderdeel van Verordening Burgerinitiatief gemeente Krimpenerwaard 2016

1.. De voorzitter van de raad stelt een of meer van de vertegenwoordigers bedoeld in artikel 5, lid 6, in de gelegenheid het burgerinitiatief toe te lichten in de commissievergadering, waarin de beraadslaging over het burgerinitiatief plaatsvindt en eventuele vragen uit de commissie te beantwoorden. 2.. Het college kan binnen vier weken nadat hij in kennis is gesteld van het burgerinitiatief schriftelijke wensen en bedenkingen hieromtrent ter kennis van de raad brengen. 3.. Het burgerinitiatief wordt, nadat het college schriftelijk wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht of kenbaar heeft gemaakt hiertoe niet te zullen overgaan, dan wel nadat de in het tweede lid gestelde termijn is verlopen, op de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering geplaatst, tenzij de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is. In dat geval wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende raadsvergadering geplaatst. 4.. Een (concept) burgerinitiatief wordt inhoudelijk eerst in de raadscommissie besproken alvorens tot besluitvorming wordt overgegaan. 5.. De voorzitter van de raad kan een of meer van de vertegenwoordigers bedoeld in artikel 5, lid 6, toestemming geven om deel te nemen aan de beraadslaging in de raad over het burgerinitiatief.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel