Het tweede lid regelt dat indien de samenwerkingspartners besluiten de procesbegeleiding (deels) zelf uit te voeren, de kosten die voor subsidiëring in aanmerking komen nooit meer kunnen bedragen dan € 50, -bruto per uur. De hoogte van dit bedrag correspondeert met het bedrag dat in het kader van artikel 3, vierde lid van de VloA-voorziening Lerarenbeurs maximaal per uur gesubsidieerd wordt in geval een leraar vanwege het volgen van bijvoorbeeld een cursus tijdens schooltijd vervangen dient te worden.
Huren de samenwerkingspartners voor het uitvoeren van een of meerdere gesubsidieerde activiteiten een externe deskundige in, dan kunnen de daaraan verbonden op te voeren kosten niet meer bedragen dan € 125 bruto per uur. Dit bedrag is gelijk aan de maximale uurvergoeding die de gemeente hanteert, indien zijzelf externen inhuurt.
Met het derde lid wordt benadrukt dat de subsidie niet bedoeld is voor activiteiten die in de WPO worden aangemerkt als behorende tot het onderwijs. Deze activiteiten kunnen alleen op basis van een VloA- voorziening worden gesubsidieerd. Ingevolge artikel 140 WPO mag de gemeente, als zijzelf geen openbare scholen in stand houdt, alleen in aanvulling van de Rijksbekostiging uitgaven doen voor het onderwijs aan een school als hieraan een verordening ten grondslag ligt.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 4
Subsidiabele activiteiten en de hoogte van de subsidie
Onderdeel van Subsidieregeling Procesbegeleiding Allesinéénschool