De vergoeding voor reis- en verblijfkosten, als bedoeld in de artikelen 96, eerste lid, en 97 van de Gemeentewet, is:
voor wat betreft de reiskosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, aanhef en onder a en b, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde;
voor wat betreft de verblijfkosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, aanhef en onder c, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde.
Artikel 2