In artikel 3:28 van de CAR/UWO worden de volgende landelijke bronnen van het IKB genoemd:
8% van het in de maand van opbouw geldende salaris vermeerderd met de salaristoelagen ?
6% van het in de maand van opbouw geldende salaris ?
1,5% van het in de maand van opbouw geldende salaris, voor de ambtenaar die geboren is na 31 december 1949 ?
0,8% van het in de maand van opbouw geldende salaris ? 1% van het in de maand van opbouw geldende salaris, indien en voor zolang hoofdstuk 9a van toepassing is op de ambtenaar
Indien in een maand het salaris of de salaristoelagen niet volledig zijn uitbetaald dan wordt het IKB in die maand berekend op basis van het uitbetaalde salaris en de uitbetaalde salaristoelagen. Ontvangt de ambtenaar in een maand geen salaris dan wordt in die maand geen IKB opgebouwd.