1.Het algemeen bestuur bestaat uit acht leden. Elk college wijst twee leden aan van het algemeen bestuur; deze leden wordt aangewezen uit de leden van het college. De colleges kunnen voor ieder lid tevens een plaatsvervangend lid, voor de colleges uit hun midden, aanwijzen, dat het lid bij verhindering of ontstentenis vervangt, Hetgeen in deze regeling is bepaald ten aanzien van een lid van het algemeen bestuur is van overeenkomstige toepassing op het plaatsvervangende lid.
Artikel 4
Algemeen bestuur
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling AIJZ (GR AIJZ) tweede wijziging (college regeling)