Gelet op artikel 5 van het Algemeen mandaatbesluit:
Gelet op het feit dat:
indien de gemandateerde behandelend ambtenaar afwezig is, zijn afdelingshoofd de bevoegdheid als beschreven in de mandaatregisters behorende bij het Algemeen mandaatbesluit uitoefent;
indien het afdelingshoofd afwezig is, diens formeel aangewezen plaatsvervanger bevoegd is;
indien de formeel aangewezen plaatsvervanger van het afdelingshoofd afwezig is, de algemeen directeur bevoegd is
indien de bevoegdheid exclusief is toegekend aan de gemeentesecretaris / algemeen directeur, hij bij zijn afwezigheid zal worden vervangen conform de Vervangingsregeling gemeentesecretaris;
het plaatsvervangend afdelingshoofd niet bevoegd is tot het nemen van rechtspositionele besluiten;
voor rechtspositionele besluiten de algemeen directeur bevoegd is bij afwezigheid van het afdelingshoofd;
de laatste twee onderdelen niet van toepassing zijn indien sprake is van formele waarneming (langdurige vervanging) van het afdelingshoofd door zijn plaatsvervanger;
is de algemeen directeur/gemeentesecretaris bevoegd om de plaatsvervanger van de afdelingshoofden aan te wijzen, op voordracht van het betreffende afdelingshoofd.