Deze verordening kan worden aangehaald als 'Verordening fractieassistentie'.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering d.d. 14 maart 2002
Inwerking getreden d.d. 1 april 2002
Gewijzigd bij besluit d.d. 18 februari 2010 (art. 5, 6 en 7)
Gepubliceerd in Apeldoorns Stadsblad d.d. 3 maart 2010
Inwerking getreden d.d. 1 januari 2010
Gewijzigd bij besluit d.d. 2 december 2010 (artikel 3 en 4)
Gepubliceerd in Apeldoorns Stadsblad d.d.15 december 2010
Inwerking getreden d.d. 1 januari 2011
Gewijzigd bij besluit d.d. 28 november 2019 (artikel 1, 5 en nieuw artikel 9)
Inwerking getreden de dag na elektronische publicatie
Toelichting Verordening fractieassistentie
Algemeen
Deze verordening geeft uitvoering aan artikel 33, lid 2 en lid 3 van de Gemeentewet. Dit artikel is door de Wet dualisering gemeentebestuur ingrijpend gewijzigd. Het legt vast dat voor politieke groeperingen een recht op fractieondersteuning bestaat. De uitwerking van deze rechten moet bij verordening geregeld worden.
Artikel 3
Fractieondersteuning vindt zijn vorm in een financiële ondersteuning. De hoogte van het budget voor fractieondersteuning zal in de gemeentebegroting moeten worden opgenomen en dus door de raad worden vastgesteld.
Artikel 5
Indien er tijdens de raadsperiode één of meer leden zich afsplitsen van een fractie en zelfstandig gaan optreden of twee of meer fracties als één fractie gaan optreden dan wel één of meer leden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie, wordt de tegemoetkoming met ingang van het kwartaal, volgend op de veranderde situatie, voor uitsluitend de betreffende fracties aangepast. De aanpassing van de vergoeding geldt uitsluitend voor de fracties als bedoeld in het Reglement van orde van de raad. Het lid of die leden die zich afsplitsen van een fractie en zelfstandig gaan optreden worden niet als fractie in de zin van het Reglement van orde van de raad beschouwd.
Artikel 6
Onderzoek naar het verslag door de accountant wordt meegenomen met de controle op de jaarrekening. Uit het verslag van de accountant aan de raad kan naar voren komen dat er een verrekening dient plaats te vinden met het verstrekte (kwartaal)voorschot. Indien niet verrekend kan worden, bijvoorbeeld omdat een fractie uit de raad verdwijnt zal de raad het ten onrechte uitgekeerde voorschot kunnen terugvorderen.
Artikel 7
De fracties wordt grotendeels de vrijheid gelaten wat betreft de inhoudelijke besteding van de fractieondersteuning. Minimumvoorwaarde is wel dat de bijdrage besteed wordt aan raadswerkzaamheden. Verder is een aantal doelen genoemd waarvoor de bijdrage niet gebruikt mag worden. Daarmee wordt onder andere voorkomen dat met de bijdrage verkiezingscampagnes worden gefinancierd en dat raadsleden hun eigen vergoeding voor het raadswerk (vastgelegd in het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden) aanvullen met de bijdrage voor fractieondersteuning. Individuele opleidingen voor raads- en commissieleden dienen bekostigd te worden uit het daarvoor beschikbare individuele budget en dus niet uit de bijdrage voor fractieondersteuning.
Omdat het bij uitstek om politieke ondersteuning gaat kan deze inhoudelijk niet te zeer gedetailleerd bij verordening geregeld worden. Het presidium heeft de bevoegdheid om middels nadere regels te bepalen welke kosten er niet en welke wel ten laste van de het fractiebudget mogen worden gebracht.
lid 3
De reserve bestaat uit het niet gebruikte deel van voorgaande jaren. Dit bedrag mag niet eindeloos groeien. De reserve is dan ook gebonden aan een maximum.
lid 6
Met betrekking tot de reserve is het van belang dat goed wordt omgegaan met de splitsing van een fractie. Lid 6 regelt dat de reserve naar evenredigheid verdeeld wordt over de nieuw ontstane fracties.
Artikel 10 en 11 Inwerkingtreding en citeertitel
Deze artikelen spreken voor zich en behoeft geen nadere toelichting.