Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Verordening fractieassistentie

1.. De tegemoetkoming wordt in vier termijnen, te weten aan het begin van ieder kwartaal, als voorschot op dat kalenderjaar, op de door de fractie van tevoren aangegeven wijze betaalbaar gesteld. 2.. Indien tijdens een raadsperiode: zich één of meer leden afsplitsen van een fractie en zelfstandig gaan optreden; twee of meer fracties als één fractie gaan optreden; één of meer leden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie; wordt de tegemoetkoming met ingang van het kwartaal, volgend op de veranderde situatie, voor uitsluitend de betreffende fracties aangepast. Voor de overige fracties vindt gedurende het betreffende kalenderjaar geen aanpassing van de tegemoetkoming plaats. 3.. De tegemoetkoming van de samengevoegde dan wel gewijzigde fracties wordt met ingang van het kwartaal, volgende op de veranderde situatie als genoemd in het vorige lid, onder a t/m c, verdeeld over de betreffende fracties op basis van het aantal leden waaruit de fracties in de veranderde situatie bestaan. 4. . Ontstaat een nieuwe fractie door samenvoeging van bestaande fracties, dan kan de tegemoetkoming van de nieuwe gevormde fractie niet groter zijn dan de tegemoetkoming die toekomt aan een fractie van gelijke grootte. 5.. Eerst met ingang van het kalenderjaar volgend op de veranderde situatie als genoemd in lid 2 vindt een algemene aanpassing van de tegemoetkoming plaats. 6.. Verrekening van gedeelten van de tegemoetkoming vindt niet plaats. 7. . Bij een fractie die na verkiezingen niet terugkeert, vervalt de aanspraak op de tegemoetkoming met ingang van de datum dat de raad in de nieuwe samenstelling aantreedt.

Rechtspraak bij dit artikel