Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf 2.1

Artikel 5

Afzien van terugvordering en/of invordering bij kruimelbedragen

Onderdeel van Beleidsregels terug- en invordering, opleggen boetes en verhaalsbijdragen Participatiewet, IOAW en IOAZ Zoetermeer 2017

1.. Voor zover het geen situatie betreft als bedoeld in artikel 58, eerste lid, Participatiewet, artikel 25, eerste lid, van de IOAW en de IOAZ: ziet het college af van terugvordering en/of incasso indien het totaal terug te vorderen of te innen bedrag lager is dan € 125,00 netto en er niet verrekend kan worden op grond van artikel 6:127 van het Burgerlijk Wetboek; ziet het college af van (verdere) invordering indien de totale restschuld lager is dan € 50,00 en indien niet is te verwachten dat de restschuld binnen vier maanden kan worden geïnd. 2.. Lid 1 geldt ook ten aanzien van vorderingen op grond van de Wi, de Wmo, het Bbz en de Wko.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel