Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Langdurig laag inkomen

Onderdeel van Verordening Individuele inkomenstoeslag Hilversum 2016

1.. Een persoon heeft een langdurig laag inkomen als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet als gedurende de referteperiode het in aanmerking te nemen inkomen niet hoger is dan 110 procent van de toepasselijke bijstandsnorm (als niet kostendeler). 2.. Tevens wordt als langdurig laag inkomen aangemerkt het inkomen dat gedurende de referteperiode hoger is dan de toepasselijke bijstandsnorm (als niet kostendeler), indien dat meerdere inkomen is aangewend ter aflossing van een schuldenlast. 3.. In afwijking van de vorige leden wordt voor de alleenstaande ouder onder toepasselijke bijstandsnorm verstaan: de bijstandsnorm voor een alleenstaande plus 20 procent van de bijstandsnorm voor gehuwden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel