Naar hoofdinhoud

Paragraaf 3

Artikel 3.1

Toepassingsbereik bij vastgoedtransacties

Onderdeel van Beleidsregels Wet Bibob Bronckhorst 2017

De gemeente kan de Wet Bibob in beginsel toepassen met betrekking tot vastgoedtransacties zoals bedoeld in artikel 1 onder f, waarbij de gemeente partij is. Bij de start van de onderhandelingen daartoe, zal de rechtspersoon met een overheidstaak de wederpartij ervan in kennis stellen dat een Bibob-onderzoek deel kan uitmaken van de procedure. In de overeenkomst wordt een integriteitsclausule opgenomen, op basis waarvan kan worden overgegaan tot ontbinding, opzegging, vernietiging of opschorting van de overeenkomst. De Bibob-toets wordt in beginsel beperkt tot de gevallen, die een of meerdere van onderstaande kenmerken hebben: 1. hoge mate van financiële complexiteit; 2. behorend tot een als zodanig benoemde risicobranche (artikel 2.1 lid 2 sub b); 3. behorend tot een als zodanig benoemd risicogebied (artikel 2.1 lid 2 sub b); 4. hoge mate van complexiteit met betrekking tot de bedrijfsstructuur; 5. exceptioneel financieel risico voor de gemeente. De gemeente kan in ieder geval een Bibob-toets uitvoeren alvorens een beslissing wordt genomenover het aangaan van een vastgoedtransactie indien voorafgaand of tijdens de onderhandelingenmet een wederpartij op grond van: 1. eigen ambtelijke informatie en/of 2. informatie verkregen van het Bureau en/of 3. informatie verkregen vanuit het OM conform artikel 26 van de wet(OM-tip) en/of 4. informatie van een of meerdere partners zoals toezichthouders, politie, Belastingdienst enhet RIEC. blijkt dat er mogelijk sprake is van een gevaar als bedoeld in artikel 3 wet Bibob. Indien de Bibob-procedure niet is afgerond voor het sluiten van de overeenkomst, wordt hieromtrent een ontbindende voorwaarde opgenomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel